Skip to content

Archief voor

2015 herzien

De statistieken hulpaapjes van WordPress.com heeft een 2015 jaarlijks rapport voor deze blog voorbereid.

Hier is een fragment:

In de concertzaal in het Sydney Opera House passen 2.700 mensen. Deze blog werd in 2015 ongeveer 49.000 keer bekeken. Als je blog een concert zou zijn in het Sydney Opera House, zou het ongeveer 18 uitverkochte optredens nodig hebben voordat zoveel mensen het zouden zien.

Klik hier om het complete rapport te bekijken.

Advertisements

[Column] De Geur van oude Boeken of Lof van het Antiquariaat

boekenfoto

Boeken hebben vandaag een korte levensduur. Schrijvers daarentegen, worden steeds ouder – ik merk het elke dag. Beide factoren dragen bij tot mijn liefde voor antiquariaten. In een antiquariaat staat de tijd stil. Boeken wachten er op hun volgend leven zoals katten, knipogend in hun mand bij de centrale verwarming.

Het eerste antiquariaat dat ik mij herinner – en waar ik zelf nooit een voet heb binnengezet – was medio jaren 1960 gevestigd op de hoek van de Antwerpse Jan Blomstraat en het Papenstraatje, tussen de Groenplaats en de Handschoenmarkt. In de etalage hingen handgekleurde kaarten zoals je die ook zag in het onvolprezen Museum Plantin-Moretus.

Voor de lezer – ik versta daaronder: de veelvraat, de die hard die klappertandt zodra hij niet meer omsingeld wordt door vijf stapels wachtende lectuur – worden antiquariaten meer en meer een noodzaak.

Handelaars in nieuwe boeken moeten hun waar zo snel mogelijk de deur uit werken. Daarom leggen ze een zeker conformisme aan de dag, hoe onafhankelijk, progressief enz. ze ook mogen zijn. Ze moeten hun boterham verdienen en hun personeel betalen. Ik heb daar alle begrip voor. Maar ik die in feite alles ben, behalve een reiziger of avonturier, hou van snuisteren op planken vol onvoorzienbare en onverwachte boekdelen.

Hoe ouder een lezer, hoe meer ervaring hij heeft. En hoe kieskeuriger hij wordt. Les lecteurs, c’est comme les cochons, plus que cela devient vieux, plus que cela devient difficile om Jacques Brel te parafraseren. Wat ik vandaag wil lezen, is moeilijker te vinden dan wat zeg maar twintig jaar geleden mijn begeerte opwekte.

Alle openbare, erfgoed- en wetenschappelijke bibliotheken ten spijt, wekken boeken bij mij de lust op ze te bezitten, te doorbladeren wanneer ik wil en ze in de kast te zetten om naar hun rug te kijken, ook al is die onaanzienlijk. Ik kus de ruggen van mijn boeken niet zoals Félix de Vandenesse de rug van Madame de Mortsauf kust op het bal in Le Lys dans la Vallée van Balzac. Maar toch.

Lange jaren dacht ik dat het lezen van roman na roman van mij een slimmer en adequater mens maakte. Of iemand dat ooit aan me gemerkt heeft, blijft wel de vraag. Maar mijn hang naar geschiedenis – het vak dat ik dertig jaar geleden heb gestudeerd – wordt almaar groter, al merk ik dat ik aan historische boeken nauwelijks minder stringente stilistische eisen stel dan aan zogeheten bellettrie.

Rommelige, omslachtige, overbodige en slecht geformuleerde teksten verdraag ik niet. Soms leg ik een interessant boek opzij omdat de vertaling (vaak een Hollandse vertaling uit het Duits) te schonkig is. Grote historici schrijven even helder als Voltaire of Stendhal (ziedaar mijn probleem met Huizinga – bijwijlen te wollig).

Van vuistdikke studies vol grafieken over economische geschiedenis lees ik alleen de conclusies; de lectuur van wie mij in hoofdstuk 1 met teveel sociologische concepten om de oren slaat, stel ik zolang uit dat ik er niet meer aan denk. Feiten wil ik, feiten en een goed geschreven interpretatie waarmee ik het dan volmondig eens of grondig oneens zijn kan. Of die mij doet twijfelen – naar verluidt het begin van alle wijsheid (en ook het einde, natuurlijk).

Bij voorkeur ingebonden en voor weinig geld. Dat laatste dreigt een probleem te worden, want ook handelaars in tweedehandse boeken moeten van hun negotie leven. Maar goed, zij zorgen voor uren snuisterplezier en de unieke geur (het woord ‘parfum’ klopt aan) van veel samengedrukt oud papier. Dat is een vorm van dienstverlening die wel iets mag kosten, denk ik dan.

Lastig dat zich op loopafstand van mijn werkplek (een archief en dus zelfs een verzamelplaats van alles wat vergeelt en verzuurt) twee uitstekende antiquariaten bevinden: één waarvan de eigenaar zich vooral toelegt op de fraaie letteren en een ander, waar ongeveer de helft van de zeer ruime bovenverdieping aan historie is gewijd.

Gelukkig zijn er middagpauzes dat ik kalm blijf en mij beperk tot een kop met de hand en een keteltje warm water gezette Ethiopische koffie in het koffiehuis aan de overkant. Die heeft mij al voor veel impulsaankopen een straat verder behoed.

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: